Zane Massey - sax
Jasper Kuper - guitar
Sander Koole - bass
Dennis Nederhof - drums

Biografie

Het bloed kruipt waar het niet gaan mag, een uitdrukking die zeker van toepassing is op drummer Dennis Nederhof, bassist Sander Koole en gitarist Jasper Kuper. Na jarenlang in allerlei pop/rock coverbands gespeeld te hebben, besloten zij dat het tijd was om uiting te geven aan die hang naar vrijheid en improvisatie. In een broeinest voor jazz als Den Haag is het niet moeilijk om dan op te gaan in de aanwezig jazzscene maar al snel bleek dat de heren ook nog een andere drang deelden: de hang naar originaliteit. Daarom kozen zij ervoor om zelf opnieuw het wiel uit te vinden en hun eigen nummers te schrijven. 

 

De New Yorkse saxofonist Zane Massey is de zoon van de legendarische trompettist Cal Massey, wiens composities zijn uitgevoerd door o.a. John Coltrane en Lee Morgan. Met dergelijke roots moest Zane wel uitgroeien tot een muzikant van formaat. Zijn krachtige tenor-sound is te horen op vele albums van meer en minder bekende artiesten waaronder Roy Campbell, Ronald Shannon Jackson en Sun Ra. Zelf maakte Zane furore met Grand Central Station en zijn eigen band The Foundation. Zane bracht onder zijn eigen naam twee albums uit voor het Amerikaanse Delmark-label.

 

Toen de drie heren van Tracin’ Tracy de saxofonist Zane Massey ontmoetten – waar anders dan op een jamsessie - was een samenwerking snel beklonken. De krachtige sax van Zane vormde de perfecte aanvulling op de met funk en soul doorspekte jazz van Tracin’ Tracy. Zo ontstond het huidige kwartet dat is vernoemd naar een compositie van Blue Note-huisgitarist Grant Green, hetgeen meteen een belangrijke inspiratiebron voor de zelfgeschreven nummers verraadt. In deze bezetting wordt zelfgeschreven funk, soul en jazz gespeeld, overgoten met een ‘vintage’ sausje, omdat de romantiek van de dagen van weleer nou eenmaal trekt. Tracin’ Tracy wil geen muziek maken die enkel voor ingewijden toegankelijk is, maar die iedereen kan voelen en het stilzitten onmogelijk maakt. 

 

       

Quotes:

 

“Tracin’ Tracy speelt namelijk instrumentale soulfunk. Saai? Nee, zeker niet: deze band funkt als de hel”

- Tess van der Zwet/ VPRO 3voor12

 

“De volledig muzikale nummers swingen enorm”

- Tessa Bentvelsen/ Haagse Popweek

 

“Ik dacht dat ik niet van jazz hield, totdat ik Tracin’ Tracy hoorde” 

- Abdi/ Restaurant M

 

Biography

Blood is thicker than water, so after years of playing in all kind of pop and rock cover bands, drummer Dennis Nederhof, bass player Sander Koole and guitarist Jasper Kuper inevitably turned to jazz. In the city of The Hague one can easily just become a part of the flourishing jazz scene, but these gents discovered they had something else in common: an urge to be different and original. So rather than joining the mainstream jazz scene, they decided to create their own style and write their own songs.

 

Saxophone player Zane Massey was born in New York as the son of the legendary – but barely documented – trumpeter and composer Cal Massey, who composed for John Coltrane and Lee Morgan and other great names in jazz history. Growinp up around music it is no miracle that Zane develloped into a formidable sax player himself. His forceful tenor can be heard on many known and lesser known recordings of - amongst others - Roy Campbell, Ronald Shannon Jackson and Sun Ra. As a leader Zane recorded two albums for the Delmark label: Safe To Imagine and Brass Knuckles.

 

It was a jam session – what else? – that brought Tracin’ Tracy and Zane together and it turned out to be a good match. The powerful saxophone was the perfect complement for the heavily soul and funk influenced jazz as played by Tracin’ Tracy.

 

It was the song called Tracin’ Tracy, written by Blue Note guitarist Grant Green that gave the quartet it’s name. That is not completely coincidental, as Green’s laid back funky and groovy works are a source of inspiration for their own compositions. Funk, soul, jazz and boogaloo are the key ingredients of their music. Improvisation and retrospective are characteristic elements. The goal is to play music everybody can feel but nobody can resist to dance on.